Wanneer je door burn-out klachten niet kunt werken, speelt de bedrijfsarts een centrale rol in jouw herstel. De bedrijfsarts is er om te begrijpen waarom het werken nu niet lukt en wat er nodig is om weer gezond te worden. Dit gesprek is het moment om jouw situatie uit te leggen en samen naar een oplossing te kijken.
Om te zorgen dat de bedrijfsarts een goed beeld krijgt, is het belangrijk dat je duidelijk communiceert. Met een goede voorbereiding zorg je ervoor dat je de juiste informatie deelt en dat je klachten serieus worden begrepen.
1. Maak je klachten concreet
Voor een bedrijfsarts is het lastig om een inschatting te maken op basis van algemene termen als “ik ben moe”. Probeer je klachten daarom zo gedetailleerd mogelijk te beschrijven. Wat voel je precies in je lichaam en hoe gaat het emotioneel met je?
Het helpt om je klachten een cijfer te geven. Geef bijvoorbeeld aan hoe je stressniveau nu is op een schaal van 1 tot 10.
- Voorbeeld: “Ik voel me constant opgejaagd. Vroeger was mijn stressniveau een 2, maar nu zit ik continu op een 9. Ik tril en mijn hartslag blijft hoog, zelfs als ik stilzit.”
2. Geef voorbeelden van je concentratie
Bij een burn-out zijn je hersenen vaak overbelast, waardoor concentreren heel moeilijk is. Om dit uit te leggen, kun je vooraf een kleine test doen. Probeer thuis eens vijf minuten een krant of boek te lezen.
- Voorbeeld: “Ik merk dat mijn concentratie weg is. Als ik een tekst lees, moet ik na drie zinnen stoppen omdat ik niet meer weet wat er stond. Na twee minuten dwalen mijn gedachten af en word ik onrustig.”
3. Wees eerlijk over je energie en herstel
Veel mensen met een burn-out ervaren dat een kleine inspanning hen voor de rest van de dag (of zelfs langer) uitschakelt. Het is cruciaal dat de bedrijfsarts weet hoe beperkt je energiehuishouding op dit moment is.
- Voorbeeld: “Als ik dertig minuten achter een scherm zit of een moeilijk telefoontje pleeg, ben ik daarna helemaal opgebrand. Ik krijg dan direct hoofdpijn en moet de rest van de dag liggen om weer een beetje bij te komen.”
4. Begrijp de rol van de richtlijnen
Bedrijfsartsen werken vaak met vaste richtlijnen. Een van die richtlijnen is dat ‘rustig weer wat doen’ vaak beter werkt voor het herstel dan heel lang volledig thuiszitten. Hierdoor kan het gebeuren dat een arts je adviseert om snel te beginnen met re-integreren, terwijl jij voelt dat je daar nog niet klaar voor bent.
Als dit gebeurt, is het belangrijk om niet in de verdediging te schieten, maar uit te leggen waarom het op dit moment nog niet gaat. Bespreek eerlijk dat je herstel meer tijd nodig heeft dan de standaardrichtlijn voorschrijft.
5. Vraag om steun en duidelijkheid
Voel je je niet begrepen of gaat het herstelplan voor jouw gevoel te snel? Vraag dan om uitleg. Je mag altijd doorvragen naar de reden achter een advies en samen zoeken naar aanpassingen die wel haalbaar zijn.
- Voorbeeld: “Kunt u me uitleggen waarom u denkt dat nu beginnen met werken helpt bij mijn herstel? Ik ben bang voor een terugval; hoe kunnen we de opbouw zo aanpassen dat het wel veilig voelt?”
Tip: Je hoeft dit gesprek niet alleen te doen. Je mag altijd een partner, vriend of vertrouwenspersoon meenemen naar de bedrijfsarts voor steun.
Een goed plan begint bij een goed gesprek
Het gesprek met de bedrijfsarts is de basis voor jouw hersteltraject. Door concreet te zijn over je klachten, je concentratievermogen en je energie, help je de arts om de juiste keuzes te maken. Open communicatie is de sleutel om op een gezonde en duurzame manier weer terug te keren in het werkproces.
Loop je vast in het contact met je bedrijfsarts of wil je hulp bij je re-integratie? Een coach van GORTcoaching kan je ondersteunen om de regie over je eigen herstel terug te krijgen. Neem contact op voor een vrijblijvend oriëntatiegesprek.
Gebruikte bronnen:
- Bakker, A. B., & Demerouti, E. (2017). Job demands-resources theory: Taking stock and looking forward. Journal of Occupational Health Psychology, 22(3), 273–285.
- Nederlandse Vereniging voor Arbeids- en Bedrijfsgeneeskunde (NVAB). (2020). Landelijke richtlijn psychische problemen.
- Terluin, B., Smits, N., Brouwers, E. P. M., & de Vet, H. C. W. (2011). The Four-Dimensional Symptom Questionnaire (4DSQ) in the occupational health setting: Measuring distress, depression, anxiety and somatization. Occupational Medicine, 61(2), 108–116.
English
Vlaams
Deutsch